“We hebben een risicoanalyse.” Dat antwoord hoor je vaak. Meestal gaat het om één document, soms jaren oud, soms een sjabloon dat weinig over de eigen werkvloer zegt. In werkelijkheid vraagt de wetgeving geen enkele risicoanalyse, maar een geheel van analyses: een algemene basis, aangevuld met specifieke analyses voor de risico’s die in jouw bedrijf voorkomen.
In dit artikel zie je welke risicoanalyses een KMO minstens nodig heeft, welke afhangen van je activiteiten, en hoe je snel nagaat of je in orde bent.
Het fundament: de algemene risicoanalyse
Elke werkgever, ook met één werknemer, moet de risico’s voor veiligheid en gezondheid in kaart brengen en evalueren. Dat gebeurt op drie niveaus:
de organisatie als geheel: risico’s die voor iedereen gelden, zoals verkeer op het terrein of werken met externe firma’s;
per groep van werkposten of functies: de lasser, de magazijnier, de bediende aan het scherm;
het individu: wanneer iemands situatie extra aandacht vraagt.
Die algemene analyse is de basis van je globaal preventieplan en je jaaractieplan. Zonder haar hangt de rest van je preventiebeleid in de lucht.
Wat in vrijwel elke KMO nodig is
Psychosociale risico’s: stress, burn-out, conflicten, geweld en ongewenst gedrag. Deze analyse is verplicht, ook in een klein bedrijf zonder duidelijke klachten.
Brand: de risicoanalyse brand vormt de basis voor je brandpreventiemaatregelen, je noodplan en je evacuatieplannen.
Ergonomie en beeldschermwerk: zodra medewerkers een aanzienlijk deel van hun tijd aan een scherm werken.
Wat afhangt van je activiteiten
Afhankelijk van wat er op je werkvloer gebeurt, komen daar specifieke analyses bij:
Arbeidsmiddelen en machines, zeker bij de aankoop of ingebruikname van nieuwe toestellen;
chemische agentia, van reinigingsproducten tot lijmen, verven en solventen;
lawaai, trillingen en thermische omstandigheden, bijvoorbeeld in productie, bouw of werkplaatsen;
manueel hanteren van lasten, in magazijn, logistiek of montage;
explosieve atmosferen (ATEX), waar ontvlambare gassen, dampen of stoffen vrijkomen, zoals bij laadpunten van tractiebatterijen of stofproducerende processen;
biologische agentia, onder meer in zorg, schoonmaak of afvalverwerking.
Bijzondere groepen
Voor sommige werknemers is een aparte beoordeling nodig vóór ze aan de slag gaan:
jonge werknemers en stagiairs: de risico’s moeten beoordeeld zijn vóór hun eerste werkdag;
zwangere en zogende werkneemsters: je gaat na welke werkzaamheden en blootstellingen voor hen een risico vormen.
Ben je in orde? Vier vragen
Heb je voor elk risico dat bij jou voorkomt een analyse? Niet één document voor alles, maar een analyse per domein dat op jouw werkvloer speelt.
Is ze actueel? Na een nieuwe machine, een verbouwing, een nieuw product of een ongeval moet de analyse herzien worden.
Leiden de analyses tot maatregelen? Elke belangrijke bevinding hoort terug te komen in je jaaractieplan, met een verantwoordelijke en een deadline.
Kennen je leidinggevenden ze? Een analyse die alleen de preventieadviseur kent, verandert niets op de werkvloer.
De meest gemaakte fout
Een sjabloon invullen dat niet over jouw bedrijf gaat. Een risicoanalyse is pas bruikbaar als ze vertrekt van wat er echt gebeurt: welke taken, welke machines, welke producten, welke mensen. Daarom begint een goede analyse altijd met een rondgang op de werkvloer, niet achter een bureau.
Hulp nodig bij je risicoanalyses?
Ik stel risicoanalyses op of werk bestaande analyses bij, vertrekkend van je eigen werkvloer, en vertaal de bevindingen naar concrete maatregelen. Meer over mijn aanpak lees je bij risicoanalyses.
Plan een gratis kennismaking, dan bekijken we samen welke analyses jouw bedrijf nodig heeft en welke al in orde zijn.

